2 moten zalm
7 flinke tenen knoflook
4 á 5 uitjes (bos- of lenteuitjes)
1 blik maïs 100 gram
rijst (liefst van vorige dag)
1 flinke scheut witte wijn
2 eetlepels mayonaise
2 eetlepels yoghurt
1 flinke winterwortel
witte of spitskool
sla
tomaat
komkommer
citroen
ui
ei
sojasaus
(olijf)olie
azijn
peper en zout
koekenpan met deksel
keukenpapier
Ontvel de knoflooktenen en leg er één apart. Snijd de andere 6 in flinterdunne plakjes voor de garnering. Sla het losse teentje een beetje plat en snijd in grove plakjes: hierin bak je de zalm.
Zet de koekenpan op een laag vuur en giet er een plons olie in. Leg de dunne knoflookplakjes naast elkaar in de pan en bak ze 10- 15 minuten tot ze bruin zijn (vooral niet zwart). Keer ze zo nodig om. Haal uit de pan als ze mooi bruin zijn en laat uitlekken op keukenpapier. Begin ondertussen aan stap 2.
Kook de rijst, giet af, en laat afkoelen.
Snijd de bos- of lenteuitjes in dunne ringetjes. Houd de witte en groene ringetjes apart. De hardere witte ringetjes gebruik je vooral bij het bakken. De zachtere groene ringetjes zijn voor een deel garnering, een deel bak je later mee met de rijst.
De salade bereid je tussen de andere stappen door: als je niets te doen hebt ga je daarmee verder.
Snijd de sla in reepjes van een centimeter. Snijd de witte of spitskool fijner, bijvoorbeeld met een kaasschaaf. Rasp de winterwortel met de grove rasp. Snijd de tomaat. Snijd de komkommer in plakjes en ontdoe die van de drassige kern. Snijd de ui in flinterdunne plakjes. Doe alles in een schaal en giet er een half blik maïs bij.
De dressing maak je op gevoel. De totale hoeveelheid moet net iets te veel lijken. Giet de mayonaise, yoghurt, azijn, olijfolie en eventueel wat citroensap in een schaaltje. Peper en zout erbij. Het mag behoorlijk zuur en zout smaken, dat wordt minder als het met de salade mengt.
Zet een grote koekenpan met een plons olie op hoog vuur en laat heet worden. Als het echt mooi heet is bak je de rijst erin. Blijf roeren zodat het geen plak wordt maar losse korrels blijven. Wordt de rijst een beetje bruin, voeg dan een handvol witte bos- of lenteuitjes, een handvol geraspte wortel, een scheut van de witte wijn, en een scheut sojasaus (let op: niet te veel), en peper en zout toe. Laat nog een tijdje op hoog vuur bakken, maar laat de boel niet te droog worden en niet verbranden.
Vlak voor het serveren gooi je het ei in de nasi. Roer het er een beetje doorheen zodat het een soort van vlokken worden.
De zalm moet 7 à 8 minuten bakken: begin hiermee zodra alles zo'n beetje klaar is.
Zet de koekenpan met een plons olie op hoog vuur en laat heet worden. Leg de zalmmoten in de pan. Draai ze niet, ze blijven in deze positie tot ze klaar zijn. Peper en zout eroverheen. Bak de zalm in 1 minuut even aan. Gooi er de grof gesneden knoflook en witte bos- of lenteuitjes bij. Bak dit even kort mee en giet er dan een scheut wijn bij. Schud de pan even en zet het vuur laag. Giet een scheutje sojasaus en een beetje citroensap over de zalm. Doe het deksel op de pan en laat 5 à 6 minuten bakken. De zalm is klaar als hij lichtroze is en niet meer rauw aan de buitenkant. Bak niet te lang, dan wordt de zalm te droog.
Gooi de resten ringetjes bos- of lenteuitjes en wortelrasp door de nasi (niet de groene ringetjes voor de garnering). Gooi de dressing door de salade, meng, en verdeel de salade over twee kommetjes.
Plaats de zalm op het bord, uit het midden. Verdeel de nasi over de andere kant van het bord. Strooi de gebakken knoflookplakjes over de zalm en een beetje over de nasi. Strooi de groene ringetjes bos- en lenteui over de zalm en de nasi.